PKN
  » Wijkgemeente I » Pastoraat en kringen 
Hervormde Gemeente te Berkenwoude
Liturgie Paaswake 11 april 2020

Liturgie Paaswake 11 april 2020
Thema: een teken van leven

Welkom en mededelingen

Voor het binnendragen van de Paaskaars

Voorganger
Christus, gisteren en heden,
Begin en einde – Alfa en Omega,
Hem behoren tijd en eeuwigheid,
Heerlijkheid en heerschappij,
In de eeuwen der eeuwen.
Amen.

Tijdens het binnendragen: zingen en luisteren naar lied 598

https://youtu.be/W7M7lHjm5gQ
Als alles duister is,
ontsteek dan een lichtend vuur
dat nooit meer dooft,
vuur dat nooit meer dooft.

Als de kaars op de standaard is geplaatst

Voorganger
Het licht van Christus
die in heerlijkheid verrezen is,
moge de duisternis
uit ons leven verdrijven.

De nacht is voorbijgegaan,
de dag is aangebroken:
de zon der gerechtigheid
gaat over ons op.
Amen.

Zingen: lied 600

Licht, ontloken aan het donker,
licht, gebroken uit de steen,
licht, waarachtig levensteken,
werp uw waarheid om ons heen!

Licht, geschapen, uitgesproken,
licht, dat straalt van Gods gelaat,
licht uit licht, uit God geboren,
groet ons als de dageraad!

Licht, aan liefde aangestoken,
licht, dat door het donker brandt,
licht, jij lieve lentebode,
zet de nacht in vuur en vlam!

Licht verschenen uit den hoge,
licht, gedompeld in de dood,
licht, onstuitbaar, niet te doven,
zegen ons met morgenrood!

Licht, straal hier in onze ogen,
licht, breek uit in duizendvoud,
licht, kom met ons stralen tooien,
ga ons voor van hand tot hand!

HERDENKEN VAN DE VERHALEN

Eerste schriftlezing: Genesis 1:1-2:3
 In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed, maar Gods geest zweefde over het water. God zei: ‘Er moet licht komen,’ en er was licht. God zag dat het licht goed was, en hij scheidde het licht van de duisternis; het licht noemde hij dag, de duisternis noemde hij nacht. Het werd avond en het werd morgen. De eerste dag.

God zei: “Er moet midden in het water een gewelf komen dat de watermassa’s van elkaar scheidt’. En zo gebeurde het. God maakte het gewelf en scheidde het water onder het gewelf van het water erboven. Hij noemde het gewelf hemel. Het werd avond en het werd morgen. De tweede dag.

God zei: ‘Het water onder de hemel moet naar een plaats stromen, zodat er droog land verschijnt.’ En zo gebeurde het. Het droge noemde hij aarde, het samengestroomde water noemde hij zee. En God zag dat het goed was. God zei: ‘Overal op aarde moet jong groen ontkiemen: zaadvormende planten en allerlei bomen die vruchten dragen met zaad erin.’ En zo gebeurde het. De aarde bracht jong groen voort: allerlei zaadvormende planten en allerlei bomen die vruchten droegen met zaad erin. En God zag dat het goed was. Het werd avond en het werd morgen. De derde dag.

God zei: ‘Er moeten lichten aan het hemelgewelf komen om de dag te scheiden van de nacht. Ze moeten de seizoenen aangeven en de dagen en de jaren, en ze moeten dienen als lampen aan het hemelgewelf, om licht te geven op de aarde.’ En zo gebeurde het. God maakte de twee grote lichten, het grootste om over de dag te heersen, het kleine om over de nacht te heersen, en ook de sterren. Hij plaatste ze aan het hemelgewelf om licht te geven op de aarde, om te heersen over de dag en de nacht en om het licht te scheiden van de duisternis. En God zag dat het goed was. Het werd avond en het morgen. De vierde dag.

God zei: ‘Het water moet wemelen van levende wezens, en boven de aarde, langs het hemelgewelf, moeten vogels vliegen.’ En hij schiep de grote zeemonsters en alle soorten levende wezens waarvan het water wemelt en krioelt, en ook alles wat vleugels heeft. En God zag dat het goed was. God zegende ze met de woorden: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en vul het water van de zee. En ook de vogels moeten talrijk worden, overal op aarde.’ Het werd avond en het werd morgen, de vijfde dag.

God zei: ‘De aarde moet allerlei levende wezens voortbrengen: vee, kruipende dieren en wilde dieren.’ En zo gebeurde het. God maakte alle soorten in het wild levende dieren, al het vee en alles wat er op de aardbodem rondkruipt. En God zag dat het goed was. God zei: ‘Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken; zij moeten heerschappij voeren over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en over alles wat daarop rondkruipt.’ God schiep de mens als zijn evenbeeld, als evenbeeld van God schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep hij de mensen. Hij zegende hen en zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag, heers over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen.’ Ook zei God: ‘Hierbij geef ik jullie alle zaaddragende planten en alle vruchtbomen op de aarde; dat zal jullie voedsel zijn. Aan de dieren die in het wild leven, aan de vogels van de hemel en aan de levende wezens die op de aarde rondlopen, geef ik de groene planten tot voedsel.’ En zo gebeurde het. God keek naar alles wat hij gemaakt had en zag dat het zeer goed was. Het werd avond en het werd morgen. De zesde dag.

Zo werden de hemel en de aarde in al hun rijkdom voltooid. Op de zevende dag had God zijn werk voltooid, op die dag rustte hij van het werk dat hij gedaan had. God zegende de zevende dag en verklaarde die heilig, want op die dag rustte hij van heel zijn scheppingswerk.

Zingen lied 513, God heeft het eerste woord
God heeft het eerste woord.
Hij heeft in den beginne
het licht doen overwinnen,
Hij spreekt nog altijd voort.

God heeft het eerste woord.
Voor wij ter wereld kwamen,
riep Hij ons reeds bij name,
zijn roep wordt nog gehoord.

God heeft het laatste woord.
Wat Hij van oudsher zeide,
wordt aan het eind der tijden
in heel zijn rijk gehoord.

God staat aan het begin
en Hij komt aan het einde.
Zijn woord is van het zijnde
oorsprong en doel en zin.

Gebed

Tweede schriftlezing: Genesis 22:1-18
Enige tijd later stelde God Abraham op de proef. ‘Abraham!’ zei hij. ‘Ik luister,’ antwoordde Abraham. ‘Roep je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, Isaak, en ga met hem naar het gebied waarin de Moria ligt. Daar moet je hem offeren op een berg die ik je wijzen zal.’ De volgende morgen stond Abraham vroeg op. Hij zadelde zijn ezel, nam twee van zijn knechten en zijn zoon Isaak met zich mee, hakte hout voor het offer en ging op weg naar de plaats waarover God had gesproken. Op de derde dag zag Abraham die plaats in de verte liggen. Toen zei hij tegen de knechten: ‘Blijven jullie hier met de ezel. Ikzelf ga met de jongen verder om daarginds neer te knielen. Daarna komen we naar jullie terug.’ Hij pakte het hout voor het offer, legde het op de schouders van zijn zoon Isaak en nam zelf het vuur en het mes. Zo gingen zij samen verder. ‘Vader,’ zei Isaak. ‘Wat wil je me zeggen, mijn jongen?’ antwoordde Abraham. ‘We hebben vuur en hout.’ Zei Isaak, ‘maar waar is het lam voor het offer?’ Abraham antwoordde: ‘God zal zich zelf van een offerlam voorzien, mijn jongen.’ En samen gingen zij verder. Toen ze waren aangekomen bij de plaats waarover God had gesproken, bouwde Abraham daar een altaar, schikte het hout erop, bond zijn zoon Isaak vast en legde hem op het altaar, op het hout. Toen pakte hij het mes om zijn zoon te slachten. Maar een engel van de HEER riep vanuit de hemel: ‘Abraham, Abraham!’ ‘Ik luister,’ antwoordde hij. ‘Raak de jongen niet aan, doe hem niets! Want nu weet ik dat je ontzag voor God hebt: je hebt mij je zoon, je enige, niet willen onthouden.’ Toen Abraham opkeek, zag hij een ram die met zijn horens verstrikt was geraakt in de struiken. Hij pakte het dier en offerde dat in de plaats van zijn zoon. Abraham noemde die plaats ‘De HEER zal erin voorzien’, vandaar dat men tot op de dag van vandaag zegt: ‘Op de berg van de HEER zal erin voorzien worden.’ Toen sprak de engel van de HEER opnieuw vanuit de hemel tot Abraham. Hij zei: ‘Ik zweer bij mijzelf – spreekt de HEER: Omdat je dit gedaan hebt, omdat je mij je zoon, je enige, niet hebt onthouden, zal ik je rijkelijk zegenen en je zoveel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn en zandkorrels op het strand langs de zee, en je nakomelingen zullen de steden van hun vijanden in bezit krijgen. En alle volken op aarde zullen wensen zo gezegend te worden als jouw nakomelingen. Want jij hebt naar mij geluisterd.

Zingen: psalm 66: 5 en 7
Ik kom met gaven in mijn handen.
Zie, tot uw tempel treedt uw knecht
en brengt U, Heer de offerranden,
U in benauwdheid toegezegd.
Brandoffers wil ik U bereiden
en zoete geuren op doen gaan.
Ik wil U heel mijn leven wijden;
aanvaardt het, neem mijn offer aan.

De naam des Heren zij geprezen!
Hij, die getrouw is en nabij,
heeft mijn gebed niet afgewezen.
De Heer is goed geweest voor mij.

Gebed

Derde schriftlezing: Exodus 14:15-22
De HEER zei tegen Mozes: ‘Waarom roep je mij te hulp? Zeg tegen de Israëlieten dat ze verder trekken. Jij moet je staf geheven houden boven de zee en zo het water splijten, zodat de Israëlieten dwars door de zee kunnen gaan, over droog land. Ik zal de Egyptenaren onverzettelijk maken zodat ze hen achterna gaan, en dan zal ik mijn majesteit tonen door de farao en zijn hele leger, zijn wagens en zijn ruiters, ten val te brengen. De Egyptenaren zullen beseffen dat ik de HEER ben, als ik in mijn majesteit de farao, met als zijn wagens en ruiters, ten val heb gebracht.’ De engel van God, die steeds voor het leger van de Israëlieten uit was gegaan, stelde zich achter hen op. Zodat hij tussen het leger van de Egyptenaren en dat van de Israëlieten kwam te staan. Aan de ene kant bracht de wolk duisternis, aan de andere kant verlichtte de vuurzuil de nacht. Die hele nacht konden de legers niet bij elkaar komen. Toen hield Mozes zijn arm boven de zee, en de HEER liet de zee terugwijken door gedurende de hele nacht een krachtige oostenwind te laten waaien. Hij veranderde de zee in droog land. Het water spleet, en zo konden de Israëlieten dwars door de zee gaan, over droog land; rechts en links van hen rees het water op als een muur.

Zingen: lied 350 vers 1, 3, 4, 7, Het water van de grote vloed

Het water van de grote vloed
en van de zee zo rood als bloed,
dat is de aardse moederschoot,
dat is de diepte van de dood.

Tot ondergang zijn wij gedoemd,
als God ons niet bij name noemt,
maar God-zij-dank, Hij doet ons gaan
door ’t water van de doodsjordaan.

Wij staan geschreven in zijn hand,
Hij voert ons naar ’t beloofde land.
Als kinderen gaan wij zingend voort,
de Vader is het die ons hoort.

Gij heft de aarde aan het licht
door diepte heen en door gericht,
eens zal zij bloeien als een roos,
een dal van rozen, zondeloos!

Gebed

Vierde schriftlezing: Jesaja 54: 4-14

Eerherstel voor Jeruzalem, de bruid van de HEER

Wees niet bang; je zult niet worden beschaamd;
Wees niet bedrukt: je zult niet worden vernederd.
Je zult de schande van je jeugd vergeten,
Je de smaad van je weduwschap niet meer herinneren.
Want je maker neemt je tot vrouw,
HEER van de hemelse machten is zijn naam.
De Heilige van Israël zal je bevrijder zijn,
Men noemt hem God van de hele aarde.
Je was een verlaten, wanhopige vrouw
Toen de HEER je terugriep.
Kan iemand de vrouw van zijn jeugd verstoten? – zegt je God.
Ik heb je slechts een ogenblik verlaten,
Maar met open armen zal ik je weer ontvangen.
Ik verborg mijn gezicht voor je in laaiende toorn, voor één ogenblijk lang.
Maar ik zal me weer over je ontfermen
Met eeuwigdurende liefde, zegt de HEER, die je vrijkoopt.
Dit is voor mij als bij de vloed van Noach:
Zoals ik gezworen heb dat het water van Noach nooit meer de aarde zou overspoelen,
Zo zweer ik dat mijn toorn jou niet meer treft
En dat ik je nooit meer bedreig.
Al zouden de bergen wijken en de heuvels wankelen,
Mijn liefde zal nooit meer van jou wijken en mijn vredesverbond is onwankelbaar
 - zegt de HEER die zich over je ontfermt.
Ongelukkig, opgejaagd en ongetroost
Met fijne leem zal ik je stenen inleggen,
Op saffier zal ik je grondvesten.
Ik maak je torens van robijn,
Je poorten van beril,
Je muren van kostbare edelstenen.
Al je kinderen worden onderricht door de HEER,
Rust en vrede zal hun ten deel vallen;
Gerechtigheid zal je fundament zijn. je zult niets meer te vrezen hebben.
Onderdrukking zal je niet bereiken, voor terreur word je gevrijwaard.

Zingen: lied 601, Licht dat ons aanstoot in de morgen

Licht dat ons aanstoot in de morgen,
voortijdig licht waarin wij staan
koud, één voor één, en ongeborgen,
licht overdek mij, vuur mij aan.
Dat ik niet uitval, dat wij allen
zo zwaar en droevig als wij zijn
niet uit elkaars genade vallen
en doelloos en onvindbaar zijn.

Licht, van mijn stad de stedehouder,
aanhoudend licht dat overwint.
Vaderlijk licht, steevaste schouder,
Draag mij, ik ben jouw kijkend kind.
Licht, kind in mij, kijk uit mijn ogen
of ergens al de wereld daagt
waar mensen waardig leven mogen
en elk zijn naam in vrede draagt.
Alles zal zwichten en verwaaien
wat op het licht niet is geijkt.
Taal zal alleen verwoesting zaaien
en van ons doen geen daad beklijft.
Veelstemmig licht, om aan te horen
zolang ons hart nog slagen geeft.
Liefste der mensen, eerstgeboren,
licht, laatste woord van Hem die leeft.

Gebed

Vijfde schriftlezing: Ezechiël 36: 24-28
Ik leid jullie weg bij die volken, ik breng jullie bijeen uit die landen en laat je naar je eigen land terugkeren. Ik zal zuiver water over jullie uitgieten om jullie te reinigen van alles wat onrein is, van al jullie afgoden. Ik zal jullie een nieuw hart en een nieuwe geest geven, ik zal je versteende hart uit je lichaam halen en je er een levend hart voor in de plaats geven. ik zal jullie mijn geest geven en zorgen dat jullie volgens mijn wetten leven en mijn regels in acht nemen. Jullie zullen in het land wonen dat ik aan je voorouders gegeven heb, jullie  zullen mijn volk zijn en ik zal jullie God zijn.

Zingen lied:  756: Laat komen, Heer, uw rijk
Laat komen Heer, uw rijk,
uw koninklijke dag,
toon ons uw majesteit,
Messias, uw gezag!

Waar blijft het overlang
beloofde land van God,
waar liefde en lofgezang
verdrijven leed en dood?

Dat land, het ons vanouds
vertrouwde Kanaän,
waar God zijn stad herbouwt;
Sion, waar zijt ge dan?

Zal ooit een dag bestaan
dat oorlog, haat en nijd
voorgoed zijn weggedaan,
in deze wereldtijd?

Dat alle tirannie
eens zal geleden zijn?
O sabbat Gods! En zie,
dan zal het vrede zijn!

Wij bidden, Heer, sta op
en kom in heerlijkheid!
Op U staat onze hoop
die onze herder zijt!

Uw schapen zijn in nood,
uw naam wordt niets geacht…
men breekt uw volk als brood,
men heeft ons opgejaagd.

De nacht is als een graf,
ontij heerst in het rond.
Kom van de hemel af,
o Ster van Gods verbond!

Gedicht: Zie de aarde wordt weer wakker

Zesde schriftlezing: Sefanja 3:12-20
Ik zal een arm en zwak volk binnen je muren achterlaten
dat in de naam van de HEER een toevlucht vindt.
Wie er van Israël overblijven, zullen niet langer onrecht doen,
Ze zullen geen leugens spreken,
Uit hun mond zal geen bedrieglijke taal meer klinken.
Ze zullen weiden en rustig liggen, en niemand die ze stoort.

Jubel, vrouwe Sion, zing van vreugde, Israël,
Juich met heel je hart, vrouwe Jeruzalem!
De HEER heeft het vonnis over jou tenietgedaan, en je vijand verdreven.
De HEER, de koning van Israël, is in je midden,
Je hebt geen kwaad meer te vrezen.
Op die dag zal men tegen Jeruzalem zeggen:
‘Wees niet bang, Sion!
Laat de moed niet zinken!’
De HEER, je God, zal in je midden zijn, hij is de held die je bevrijdt.
Hij zal vol blijdschap zijn, verheugd over jou,
In zijn liefde zal hij zwijgen, in zijn vreugde zal hij over je jubelen.
Alle treurenden zal ik bijeenbrengen, verzamelen wie op je feesten moesten ontbreken.
Hun vernedering drukte zwaar op de stad.
In die tijd zal ik afrekenen met je verdrukkers,
De kreupelen zal ik redden, de verstrooiden bijeenbrengen.
En hen die in de hele wereld werden veracht
zal ik met eer en roem overladen.
In die tijd breng ik jullie terug.
Ik zal jullie verzamelen, je zult met eer en roem overladen worden
door alle volken op aarde.
Met eigen ogen zullen jullie zien hoe ik je lot ten goede keer
- zegt de HEER.

Zingen: lied 286, Waar de mensen dwalen in het donker
Waar de mensen dwalen in het donker,
draai je om en zie het nieuwe licht,
zie het licht dat God ons gaf in Jezus,
zie de mens die ieder mens verlicht.

Refrein:
Want het licht is sterker dan het donker
en het daglicht overwint de nacht,
zoek je weg niet langer in het duister,
keer je om en zie Gods nieuwe dag.

Waar de mensen leiden onder onrecht
in een wereld die geen vrede vindt,
heb vertrouwen, draag het kruis met blijdschap,
er is licht dat alles overwint.

Refrein

Steek een kaars aan tegen al het duister,
als een teken in een bange tijd,
dat ons leven niet in wanhoop eindigt
dat de vrede sterker is dan strijd.

Refrein

Gebed

Luisteren naar: Het licht komt eraan: Pearl Jozefzoon

https://www.youtube.com/watch?v=dqACz_5umtU

Afsluitende woorden

Voorganger
Het licht is ons voorgegaan
En straalt als een lopend vuur.
Het wijst ons de weg hoe wij
In vrede kunnen gaan.
Dit licht is voor ons de zon!
Het zegt hoe de goede God
het donker van onze nacht
met liefde overwon.

Zending en zegen

V. Gaat heen in de vrede van de Heer. Halleluja.
A. God zij lof en dank. Halleluja.

Slotlied: psalm 150, Looft God, looft hem overal
Loof God, Loof Hem overal.
Loof de koning van ’t heelal
om zijn wonderbare macht,
om de heerlijkheid en kracht
van zijn naam en eeuwig wezen.
Loof de daden groot en goed,
die Hij triomferend doet.
Hem zij eer, Hij zij geprezen.

Hef, bazuin, uw gouden stem,
harp en fluit, verheerlijk Hem!
Citer, cimbel, tamboerijn,
laat uw maat de maatslag zijn
van Gods ongemeten wezen,
opdat zinge al wat leeft,
juiche al wat adem heeft
tot Gods eer. Hij zij geprezen.




 
terug
 
 
 
 

Oogstdienst o.l.v. Ds. M.Berends - van Waardenberg (aanmelden)
datum en tijdstip 01-11-2020 om 10.00 uur
meer details

Kerkdienst o.l.v. Ds. C. Dahmen ( aanmelden )
datum en tijdstip 08-11-2020 om 10.00 uur
meer details

 
Actueel wijk 1:

Nieuws

Liturgie




Aanmelden / afmelden mailinglist wijk 1 
 
Meeluisteren met:
Wijk I
Iedere zondag vanaf 10:00 uur.  

Wijk II
Iedere zondag vanaf 10:00 en 18:30 uur.

Is het driehoekje grijs? Dan kunt u proberen om de pagina te verversen. Wanneer deze grijs blijft is er geen uitzending.

Vanwege het coronavirus zendt wijk II de kerkdiensten tijdelijk ook live uit via YouTube. Klik HIER om naar de livestream te gaan.

 
contact:
info@hervormdberkenwoude.nl

Adres kerk:
Dorpsstraat 20
2825 BN Berkenwoude

 
ANBI
ANBI-gegevens. meer informatie
 
  Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.